Dé kalender voor taalliefhebbers, met elke dag van de week een eigen thema: • Maandag: scheldwoorden – met welke woorden schelden en vloeken we in Nederland, België en daarbuiten? En waarom, en hoelang al? • Dinsdag staat sporttaal centraal: waar komt bobslee vandaan, wie rijdt er een scheve scha... Meer
Dé kalender voor taalliefhebbers, met elke dag van de week een eigen thema: • Maandag: scheldwoorden – met welke woorden schelden en vloeken we in Nederland, België en daarbuiten? En waarom, en hoelang al? • Dinsdag staat sporttaal centraal: waar komt bobslee vandaan, wie rijdt er een scheve schaats en wat is een rhönrad? • Woensdag is taaladviesdag – tips en testjes over spelling, woordkennis, grammatica, en veel meer. • Donderdag: straattaal en jongerentaal. Van fittie en fissa via GRWM en HDP tot aurapunten en punten in appjes. En waar kun je sjla sjnijden? • Vrijdag: “Ervaring in een leidinggevende keukenrol”, “Rijbroek voor dames met soepele voorkant”, “Te koop: berg geitjes”: taalkronkels in woord en beeld. • Zaterdag: puzzeldag – elke week puzzelen met woorden en letters. • Zondag: vreemde talen – over andere talen dan het Nederlands: van dichtbij en ver weg, bekend en onbekend (of zelfs geheim), of een mix daarvan.